“Op mijn negende verhuisden mijn moeder en ik naar Vlaardingen,” vertelt Nouni Canword (Curaçao, 1987) in de aula van Kindcentrum Prins Willem Alexander. “Eerst woonden we in de Oostwijk, later in Holy en sinds 2000 in de Westwijk.” Lachend: “Iedereen kent mij hier, ik zorg voor alle kinderen. Ze noemen mij de buurtmoeder. Voor geen miljoen ga ik hier weg.”
“De Westwijk is mijn buurt, hier voel ik me thuis en op mijn gemak.”
Nouni wist al jong dat ze met kinderen wilde werken en volgde de opleiding Sociaal Pedagogisch Werk, liep stage bij de peuterspeelzaal van De Wereldwijzer en werkte bij Stichting Aanzet. Sinds twee jaar is Nouni als ‘ontbijtmoeder’ het vertrouwde gezicht voor leerlingen en medewerkers van de Prins Willem Alexander (PWA). Aan de start van het nieuwe schooljaar vragen we Nouni naar haar ‘rol’ als buurtmoeder en over de veranderingen in de wijk door de jaren heen.
Hoe was het voor jou om als negenjarige te verhuizen naar een land dat je niet kende?
“De eerste jaren in Nederland vond ik niet tof. Op Curaçao was ik altijd buiten met andere kinderen. Als mijn moeder aan het werk was zorgden andere families voor mij. Mijn moeder was al jong weduwe, mijn vader overleed toen ik twee was aan een hersenbloeding. Mijn oma woonde toen al in Nederland, daarom besloot mijn moeder ook te gaan. We woonden op verschillende plekken in Vlaardingen, maar pas in de Westwijk voelde ik me voor het eerst weer thuis. Hier werd niet steeds van alles gevraagd. We kwamen hier gewoon wonen en het was goed. De wijk en ik passen bij elkaar denk ik.”
Paste de opleiding SPW ook goed bij je?
Nouni lacht: “Ik ben meer van de praktijk dan van de boeken, maar ik wist waar ik het voor deed, ik wilde werken in de kinderopvang of op een basisschool. Zorgen voor kinderen en ouders een beetje ondersteunen. Zelf kreeg ik bij mijn eerste zwangerschap migraineaanvallen. Onze zoon was een huilbaby, onze dochter werd te vroeg geboren en allebei hadden ze de eerste jaren veel zorg nodig. Dan merk je wel dat je het als ouders niet alleen kan.”
Wat vind je van je rol als buurtmoeder en hoe is dat zo gekomen?
“Ik vind het wel mooi dat anderen mij zo zien. Niet te snel oordelen over een ander, ik denk dat het daar mee begint. En doen wat nodig is. Omdat ik veel alleen was met de kinderen, ging ik vaak met ze naar buiten. Zo leerde ik de wijk, de kinderen en hun ouders kennen. Ik heb snel een klik met kinderen, ben altijd actief en makkelijk. Dus als ik mijn eigen kinderen in de gaten hou als ze buitenspelen, let ik ook gelijk op de andere. Een eigenschap die ook wel helpt: ik ben niet op mijn mondje gevallen. Als ik het ergens niet mee eens ben, zeg ik er iets van. Misschien komt het door mijn jeugd, ik heb al jong geleerd voor mijzelf op te komen en voel het gelijk als er iets niet klopt.
“Mijn kinderen stellen vragen over wat ze zien op straat waar ik zelf ook geen antwoord op heb.”
Ik ken iedereen hier in de buurt en iedereen kent mij. Ik voel me hier op mijn gemak. Wel merk ik de laatste jaren meer irritaties over vuil op straat en het gevoel van onveiligheid. En het is waar, ik zie zelf ook dingen gebeuren die niet kloppen. Onbekende auto’s in de straat, geschreeuw, vechtpartijen. Nu mijn kinderen ouder worden, stellen ze vragen waar ik zelf ook geen antwoord op heb. Ik vind: iedereen heeft zijn eigen leven, maar het gaat hier over drugshandel in het zicht van kinderen. Wat er aan gedaan wordt? Politie kan alleen iets doen als ze een dealer op heterdaad betrappen zegt Mitch, onze wijkagent. Voor hem is het ook frustrerend. Hij snapt waar wij ons als bewoners zorgen om maken.”

Naast buurtmoeder ben je ook ontbijtmoeder op school, hoe werkt dat?
“Elke ochtend ben ik hier om acht uur en samen met een hulpmoeder zet ik alles klaar. Om tien over acht gaat de deur open voor de kinderen die gebruik willen maken van het ontbijt en om half negen ruimen we alles weer op. Ik vind het echt goed dat de PWA dit doet. Ouders hoeven hun kind ook niet op te geven, het is dus heel laagdrempelig. Geen kind hoeft hier met een lege maag in de klas te zitten en geen ouder hoeft iets uit te leggen. Echt top dat Peter [van der Windt, tot en met 31 augustus jl. directeur en nu met pensioen – red.] mij vroeg voor deze rol en het vertrouwen heeft gegeven. Iets kunnen betekenen voor kinderen en hun ouders, is het mooiste dat er is.”
Wat is je favoriete plek in de wijk?
“Mijn eigen huis. En gelijk daarna de PWA, ook daar ben ik helemaal op mijn gemak. We werken met collega’s, vrijwilligers en ouders uit alle windstreken en iedereen wordt hier hetzelfde behandeld. Ik voel mij hier als een vis in het water. Na schooltijd loop ik ook altijd even langs de winkels, vooral de Turkse slager naast de Dirk is mijn favoriet. Als ik een dag niet ben geweest, vraagt hij altijd waar ik was – haha.”
Tekst: Marleen Bos
Foto’s: Theo van Pelt